Zindelijkheidstraining
Puppy's hebben geen controle over hun blaas. Daarom moet u ze vaak uitlaten, tot
ze fysiek in staat zijn hun behoefte langer op te houden en begrijpen dat ze
buiten horen te plassen en poepen in plaats van binnen.
Een hond die binnen plast of poept moet u nooit straffen. Een puppy begrijpt nog
niet dat hij buiten zijn behoefte dient te doen. Als u uw hond straft voor
ongelukjes in huis, legt hij de link: plassen en poepen levert een boze baas op
dus doe ik niks als de baas er is. De hond gaat dan achter de bank plassen of
poepen of wil buiten zijn behoefte niet doen als u er bij bent en doet het
vervolgens in huis als u even niet kijkt.
Ongelukjes in huis ruimt u stilzwijgend op . Als de hond buiten plast of poept
prijst u hem uitbundig en geeft u direct iets lekkers als beloning.
Als u zich aan het volgende uitlaatschema houdt, zal de pup waarschijnlijk snel
zindelijk zijn.
Elk uur (als de hond wakker is) uitlaten;
Na het slapen uitlaten;
Na het eten uitlaten;
Na het drinken uitlaten;
Na het spelen uitlaten
De eerste weken moet u dus heel vaak met uw pup naar buiten. De tijd tussen
eten, drinken, slapen, spelen en uitlaten maakt u steeds iets langer naarmate
het hondje ouder wordt.
Hoe snel een pup zindelijk is, is moeilijk te zeggen.
Ook een jonge hond die al zindelijk is moet nog vaak worden uitgelaten. Een hond
van 4-5 maanden die zindelijk is moet - als hij wakker is - ongeveer om de 2 uur
worden uitgelaten. Een volwassen hond moet om de 4-6 uur uitgelaten worden.
Als u vindt dat uw pup ondanks voldoende uitlaatbeurten heel erg vaak in huis
plast, heeft hij misschien blaasontsteking. Als u vermoedt dat uw hond
blaasontsteking heeft, kunt u wat urine opvangen en naar de dierenarts brengen.
Die kan met een simpele test vaststellen of er sprake is van blaasontsteking.
Sommige pups doen onderdanigheids plasjes. Als ze zich bedreigd voelen laten ze
urine lopen. Dat lost u niet op met meer uitlaten. Als u het negeert gaat het
meestal vanzelf over als de hond wat ouder en zekerder van zichzelf wordt.
's Nachts.
De nachten zijn vanuit de zindelijkheidstraining gezien vaak het moeilijkst. Uw
puppy is overdag gewend dat hij vaak de kans krijgt om zich buitenshuis te
ontlasten, maar dat ligt 's nachts anders. Het beste kunt u uw pup de nachten
door laten brengen in de benche. Om de kans op succes te vergroten zorgt u
ervoor dat uw pup met een zo leeg mogelijk spijsverteringsstelsel de nacht in
gaat Voer zo rond zeven uur voor de laatste keer en zet de drinkbak zeker een
uur voor dat u naar bed gaat weg. Voordat u zo laat mogelijk gaat slapen laat u
uw pup nog uit en let u erop dat hij werkelijk iets doet. 's Morgens vroeg bent
u er als de kippen bij om de pup opnieuw de kans te geven zich te ontlasten. Het
kan zinvol zijn om tijdens de eerste weken de wekker te zetten, zodat u uw puppy
halverwege de nacht nog eens uit kunt laten.
Ontlasten op verzoek.
Het is mogelijk om uw hondje te leren om zich op verzoek te ontlasten. Dit kan
heel handig zijn, zeker wanneer u in een drukke woonwijk woont en er bij u in de
buurt hondentoiletten zijn waarvan uw hond verplicht gebruik moet maken. In de
praktijk houdt dat in dat u uw hondje eerst naar een honden uitlaatplaats of
-toilet meeneemt, waar hij in de gelegenheid gesteld wordt zich te ontlasten, en
vervolgens met hem kunt gaan wandelen zonder dat hij overlast veroorzaakt. U
leert uw pup dit verzoek door aan zijn daad een woordje te verbinden dat u
speciaal hiervoor gebruikt, bijvoorbeeld 'plasje'. Steeds wanneer uw hondje op
eigen initiatief een plasje of hoopje doet, zegt u heel vriendelijk 'plasje,
braaf!' tegen hem/haar, ongeacht op welke plaats de pup dat buitenshuis doet. Al
vrij snel koppelt een intelligente hond het woord 'plasje' aan zijn daad en zal
hij aandrang krijgen wanneer u dat woord uitspreekt. Het is dan voldoende om het
woordje uit te spreken op een plaats waar hij/zij zich mag ontlasten,
bijvoorbeeld op een honden uitlaatplaats. Vergeet niet uw hondje te belonen als
het daadwerkelijk wat doet.
Jonge honden hebben tot een leeftijd van 5 á 6 maanden nog geen volledige controle over hun blaas. 'Ongelukjes' behoren tot die leeftijd dan ook tot de mogelijkheden. Dat gaat ook weer over!